Voor wie niet weet welke haven hij wil aandoen,
is geen enkele wind gunstig

Seneca, Romeins filosoof, begin van onze jaartelling



Vorige pagina


Blinde paniek in ‘t kot!

8/10/2015

Blinde paniek in ‘t kot!

Nou nou nou, hebben ze ons weer effe liggen deze week! Is deze regering zo vriendelijk om de sluwe ingreep van de regering “Di Rupo I” (en “Dernier”) met betrekking tot het aanleggen van liquidatiereserves, te corrigeren: maken ze er dan weer een potje van zeker? Wat wil het geval: (1) Di Rupo I pleegt een aanslag op het pensioen van KMO-ondernemers: ineens wordt de belasting bij het opdoeken verhoogd van 10% naar 25%; (2) omdat ze dat toch wel wat al te grof vonden, hebben ze een ontsnappingsroute uitgewerkt: het aanleggen van een liquidatiereserve mits directe betaling van 10% belastingen “up-front”, omdat ze de centen hard kunnen gebruiken in Brussel; (3) omdat de PS het sneu vond dat ondernemers niet ten volle zouden bloeden, voerde men slinks een aantal voorwaarden in die maakten dat de winsten van boekjaren 2012 en 2013 (aanslagjaren 2013 en 2014) ervantussen vielen; (4) om de relatie met de ondernemerswereld wat te boosten, besloot deze regering de poort voor de jaren 2012 en 2013 toch weer op een kier te zetten, mits de ondernemer het 10%-offer brengt voor respectievelijk 30/11/2015 en 30/11/2016.

En van waar nu de paniek? Omdat sedert vorige week (!) geruchten de ronde doen dat voor boekjaren die afsluiten op 30/9, de betaling vóór 30/9/2015 tot gevolg zou hebben dat de teller begint te tikken, zodat die al op 30/09/2020 dividenden goedkoper zouden kunnen uitkeren, en dat die dus een jaar winnen vergeleken bij de situatie dat ze wachten tot 30/11/2015 om te betalen, want dan is de vijf jaar pas verstreken na boekjaar 30/09/2021… Maar het wordt nog “leuker”: mag ik nu al betalen voor aanslagjaar 2014 ook, of moet  ik wachten tot 30/11/2016? Als ik niet wacht, win ik dan twee jaar? Tja, daar staan we nu: geen mens die het zeker weet. Dus mogen we de mensen bellen om vriendelijk te vragen om, in hun belang, te lammeren, maar of de beloofde profijten er zullen zijn: tja, dat zien we morgen dan wel weer…?

Dus ook wij roepen warm op tot een taxshift: weg van warrige ingewikkelde regelingen vijf voor twaalf, naar duidelijke rechtvaardige open-vizier-wetgeving!

Eén troost: het gros van de boekjaren sluit nog steeds af op 31/12 en tegen dan zal de heilige fiscale geest wel van een verlossende aankondiging bevallen zijn zodat we weten welk bedrag u best in de Schatkist stort, het bedrag voor boekjaar 2012 of ineens ook dat voor boekjaar 2013 erbij. We zullen u daar, in voorkomend geval, zeker op tijd en stond eens voor lastig vallen. Tenzij ze ook daar net voor de valreep weer mist beginnen te spuien uiteraard…

Voor wie kan is ingaan op de regeling normaal wel het beste scenario. Afhankelijk van de concrete cashpositie zou ook direct 2012 en 2013 regelen een troef kunnen zijn en, geef toe, welk groter plezier kan u zich voorstellen dan een groot Kerstcadeau te geven aan Vadertje Staat?

Blinde euforie op kot!

In onze vorige nieuwsbrief heeft u de diverse mogelijkheden van verhuur met BTW kunnen nalezen, onder andere bij verhuur van gemeubeld logies. De fiscus eist dat bij hotels en zo een permanente organisatie aanwezig is om gasten diverse diensten aan te bieden. Niet onlogisch. Wat is fiscaliteit toch een boeiend gegeven: nu beslist het Hof van Beroep van Brussel dat ook wanneer er slechts bijkomende diensten (zoals poetsdienst of verversing van linnen) geleverd worden op aanvraag, de kern van de dienstverlening nog steeds het verschaffen van gemeubeld logies is. En dus BTW moet gerekend worden. En dus dat er aftrek is voor wie het gebouw bouwde/verbouwde in het kader van deze activiteit.

Toepasbaar voor studentenkamers? Wie de moed heeft het te proberen, zal zien…


Geef toe, een supermaan gecombineerd met een bloedmaan, laat staan het bekomen van bewijzen van vloeibaar water op Mars, toch allemaal doodsaai vergeleken met het ongrijpbare en steeds transmuterende monster van de Belgische fiscaliteit, dat onverwachts bijt, zelden zalft, maar alomtegenwoordig is?

Auteur: Jan Baert