Iemand met een nieuw idee wordt als gek aanzien,
tot het idee lukt …

Mark Twain, Amerikaans schrijver, laat negentiende eeuw



Vorige pagina


Wachten met investeren of niet? - de impact van het “Zomerakkoord”

10/10/2017

Zoals we reeds aangehaald hebben in onze vorige nieuwsbrieven heeft het “Zomerakkoord” het fiscale landschap grondig in de war gestuurd. De impact en details van de vooropgestelde wijzigingen moeten we u nog steeds schuldig blijven bij gebreke aan wetteksten, doch proberen wij deze toch reeds in te schatten.

Eén van de maatregelen die uit het “Zomerakkoord” gebleken is, is de tijdelijke verhoging van de investeringsaftrek naar 20%, en dit zowel voor eenmanszaken als voor vennootschappen. Loont het nu de moeite om te genieten van de verhoogde investeringsaftrek, die in voege treedt vanaf 1 januari 2018, en bijgevolg te wachten met uw investering of plaatst u best zo snel mogelijk nog uw bestelling voor die nieuwe machine of bedrijfswagen?

Anderzijds blijkt uit ditzelfde “Zomerakkoord” dat de investeringsreserve in de toekomst zal verdwijnen.

De investeringsaftrek
Een onderneming die bij de oprichting of uitbreiding van haar activiteiten een investering uitvoert, kan onder bepaalde voorwaarden een investeringsaftrek krijgen. De investeringsaftrek resulteert in een bepaald percentage van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de investering die mag afgetrokken worden van de belastbare winst van het boekjaar. In bepaalde gevallen mag men deze aftrek zelf spreiden over de afschrijvingsperiode van de investering.

In de algemene regel moet het gaan om materiële vaste activa die in nieuwe staat is verkregen of tot stand gebracht en om nieuwe immateriële vaste activa. Deze activa moeten in België uitsluitend voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt en ze moeten ten minste over drie jaar afschrijfbaar zijn. Uiteraard heeft de wetgever bepaalde specifieke investeringen uitgesloten:

  • Vaste activa die niet uitsluitend voor de beroepswerkzaamheid in België worden gebruikt;
  • Activa moet rechtstreeks verband houden met de bestaande of de geplande economische werkzaamheid die door de vennootschap werkelijk wordt uitgeoefend;
  • De kosten van de investering mogen de beroepsbehoeften niet op onredelijke wijze overtreffen;
  • Vaste activa die naast de beroepsactiviteit ook privématig gebruikt worden.

Naast het tarief voor de gewone investeringsaftrek (i.e. 8% voor 2017), bestaan er ook nog hogere tarieven voor specifieke investeringen die milieuvriendelijk zijn, voor beveiliging en andere.

De investeringsaftrek – vennootschap
Zoals hierboven reeds aangehaald geldt de tijdelijke verhoging van de investeringsaftrek zowel voor eenmanszaken als vennootschappen.

Het “Zomerakkoord” omvat echter ook tal van andere maatregelen, zoals de dalende vennootschapsbelasting. Uiteraard dienen we deze dalende vennootschapsbelasting mee te nemen in onze analyse indien we al dan niet willen overgaan tot investering in 2017 of wachten tot we het fiscale cadeau van de fiscus meegrissen in 2018.

Onderstaand voorbeeld zal onze ogen openen:
ABC bvba gespecialiseerd in het verwerken van meststoffen is van plan een nieuwe investering uit te voeren ter waarde van € 120.000,00, deze investering kunnen we op 10 jaar afschrijven. Is het fiscaal interessant om deze investering nog enkele maanden uit te stellen of plaatsen we morgen reeds ons order?

Indien we de investering in 2017 zouden uitvoeren dan zal dit leiden tot een belastingbesparing van € 7.676,64 (een belastingbesparing van 14,80%). Enkele maanden wachten zou echter leiden tot een belastingbesparing van € 10.648,80 (een belastingbesparing van 27,91%). Met andere woorden resulteert het wachten in een extra belastingbesparing van ongeveer € 3.000,00. De moeite waard als u het ons vraagt.
Uiteraard houden we hier geen rekening met de operationele noodzakelijkheid van de nieuwe investering.

De investeringsaftrek – eenmanszaak
Net als bij de vennootschappen kunnen eenmanszaken ook genieten van de stijging van de investeringsaftrek.

Voor eenmanszaken is het effect nog groter gezien zij belast worden in de personenbelasting, waar de tarieven al gauw kunnen oplopen tot 50%. Concreet kan het wachten met uw investering resulteren in een investering die voor 10% door de staat betaald wordt.

De kers op de taart: de investeringsreserve
Op basis van de huidige regeling kunnen KMO-vennootschappen, onder bepaalde voorwaarden, een deel van hun winst vrijstellen van de vennootschapsbelasting mits reservering en herinvestering. De vrijgestelde investeringsreserve bedraagt maximaal 18.750,00 € per jaar en hangt af van de hoogte van de winst van het boekjaar.

  • Een belangrijke voorwaarde is dat een bedrag gelijk aan de investeringsreserve moet geherinvesteerd worden in afschrijfbare materiële of immateriële vaste activa die in aanmerking komt voor de investeringsaftrek zoals hierboven beschreven. De herinvestering dient te gebeuren binnen een termijn van 3 jaar die aanvangt op het begin van het belastbaar tijdperk waarin de investeringsreserve aangelegd werd.

Kortom een interessante overweging voor de ondernemer die investeringsplannen heeft. Helaas blijven mooie liedjes niet lang duren en heeft de wetgever in het “Zomerakkoord” beslist om de investeringsreserve af te schaffen vanaf 2018.

Conclusie
Bovenstaand voorbeeld geeft duidelijk aan dat het interessant kan zijn om uw investering gedurende enkele maanden uit te stellen. De belastingbesparing die u kan realiseren is een belangrijke factor om mee te nemen in uw investeringsbeslissing. Bovendien kunnen KMO-vennootschappen dit fiscaal effect nog groter maken door reeds in dit belastbaar tijdperk een investeringsreserve aan te leggen.

Daarom raden wij, vanuit een fiscaal oogpunt, ondernemers met investeringsplannen aan om er als de kippen bij te zijn om dit jaar nog een investeringsreserve aan te leggen en de volgende jaren te genieten van de verhoogde investeringsaftrek. Uiteraard dient elk dossier apart bekeken te worden, wij staan u hier uiteraard graag in bij.

Auteur: Maxime Destaebel